Geluk

Ik hou van reizen. Van de hoopvolle verwachting en kleine ergernissen op vliegvelden en stations tot het wat verdwaasd rondlopen in een vreemde stad genietend van de onbekende mengeling van nieuwe beelden, geuren en geluiden. De afgelopen drie weken had ik het geluk op een drietal continenten te mogen werken. In het Australische Melbourne, het Chinese Hong Kong en het Franse Rouen en Parijs gaf ik workshops, participeerde ik in een symposium, bezocht ik organisaties en woonde ik vergaderingen bij.

Zo op het eerste gezicht bevond ik me op totaal verschillende plekken: een andere architectuur en infrastructuur, andere aantallen inwoners en een andere intensiteit van bedrijvigheid. Maar ondanks de grote verschillen in leefgewoonten en omgangsvormen vond ik de overeenkomsten nog het meest fascinerend. Zittend op een bankje aan het water – aanwezig in alle bezochte steden- zag ik terugkerende taferelen: ouders die spelen met hun kinderen, mensen die gezamenlijk boodschappen doen, mensen die discussiëren, lachen of samen wat eten en drinken. Een universeel streven naar een gelukkig bestaan dat gestoeld lijkt op menselijke waarden die niet fundamenteel verschillen. Of leidt het mijmeren in die zachte voor-/najaarszon tot een te eenvoudige conclusie en wordt het geluk ingegeven door de hoge mate van welvaart die toch elk van de door mij bezochte plekken kenmerkt?

De mate van geluk en welbevinden als graadmeter voor economie en sociale vooruitgang. Een intrigerende gedachte die al gedurende enige tijd aan nader onderzoek wordt onderworpen (*). Zo voelen mensen in Nederland zich het meest gelukkig vergeleken met mensen in de andere landen die ik bezocht. Zo blijken er significante relaties te bestaan tussen opleiding, inkomen, werk en geluk. Net als tussen geluk en de mate van gepercipieerde gelijkheid tussen mensen, mate van democratie, werkloosheid en vertrouwen in het publiek bestel. Interessant is echter ook dat geluk en inkomen niet gelijk op blijven gaan: in veel ontwikkelde landen neemt het geluksniveau al jaren niet meer toe ondanks een blijvende stijging van het inkomen.

Ook binnen organisaties is de relatie tussen geluk en organisatieresultaat vaak onderzocht. Resultaten wijzen erop dat, over het algemeen, gelukkige medewerkers ook productieve medewerkers zijn die zich minder vaak ziek voelen en meer bereid zijn om anderen te helpen (**). De aanbevelingen voor leiders in organisaties zijn eveneens duidelijk (***): creëer een gezonde, respectvolle en ondersteunende organisatiecultuur met competente leiders op alle niveaus die medewerkers eerlijk behandelen, ze inzetten op plekken waar ze ook goed tot hun recht komen en waarderen voor hun inzet en prestatie. Maar als iedereen dit nu weet, waarom bouwen we samen dan structuren die de implementatie hiervan moeilijk maken?

De meeste organisaties zijn vormgegeven met als doel het boeken van vooruitgang en niet het faciliteren van geluk. Vooruitgang betekent het overbruggen van een zelfopgelegde afstand tussen het punt waar we zijn en waar we zouden willen zijn en binnen organisaties worden deze punten meestal uitgedrukt in termen van omzet, winst, positie, macht en roem. Dat streven wordt niet automatisch begrensd getuige de stress gerelateerde aandoeningen binnen en van organisaties.

Er lijkt dus een interessante paradox ten grondslag te liggen aan ons denken over succes en geluk. Een paradox die door Manfred Kets de Vries(****) mooi wordt verwoord: “De innerlijke rusteloosheid en ontevredenheid waarmee de jacht op uiterlijk succes gepaard gaat, hebben heel wat mensen tot de ondergang gebracht. De paradox wil dat geluk berust op tevreden zijn met wat we hebben en met wat we niet hebben. De gelukkigste mensen zijn vaak diegenen die geen dingen willen die ze niet kunnen krijgen, die genoegen scheppen in hun huidige situatie”. Geluk wordt daarmee een duidelijke afweging tussen uiterlijk versus innerlijk succes.

Op een bankje in de voorjaarszon aan onze eigen Maas realiseer ik me dat voor mij respect voor de menselijke maat een essentieel onderdeel is in die afweging. Het vermogen het goede te zien in de intentie van collega’s, het niet najagen van succes om het succes of groei om de groei zonder daarbij de effecten op de betrokkenen en de (natuurlijke) omgeving mee te nemen in de afweging. Als we Marcus Aurelius mogen geloven dan hangt het geluk in je leven af van de kwaliteit van je gedachten. Bewustwording van wat gelukkig maakt is dan een belangrijke eerste stap. Op basis daarvan actie nemen een cruciale tweede. Wat gaat u morgen anders doen?

(*) Blanchflower, D.G.  & Oswald, A.J. (2011), International Happiness: a new view on the measure of performance, Academy of Management Perspectives, 25.1, 6-22.

(**) Judge, T.A., Kammeyer-Mueller, J.D. (2011), Happiness as a societal value, Academy of Management Perspectives, 25.1, 30-41.

(***) Fisher, C.D. (2010), Happiness at work, International Journal of Management Reviews, 12, 117-140.

(****) Kets de Vries, M.F.R.(2008), Seks & Geld, Geluk & Dood: mijmeringen uit het ondergrondse, Uitgeverij Nieuwezijds, Amsterdam, p.206.

Prof. dr. Mariëlle G. Heijltjes

Mariëlle Heijltjes is hoogleraar Managerial Behavior en directeur Postgraduate Education bij Maastricht University School of Business and Economics.

Dit bericht werd geplaatst in Leiderschap en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s