En bank moet de handen juist vuil durven maken

Harry Hummels is hoogleraar aan Maastricht University School of Business and Economics en Director van SNS Impact Investing

‘Ethische banken’ investeren niet in ‘foute’ bedrijven. Maar juist door dat wel te doen kun je invloed uitoefenen. Om Nederlandse banken aan te sporen tot meer duurzame investeringen in ondernemingen ging twee  jaar geleden de Eerlijke Bankwijzer  van start. De organisaties achter de  bankwijzer – Oxfam Novib, Amnesty  International, Milieudefensie, FNV  Mondiaal en de Dierenbescherming  – roepen in een  recent verschenen rapport banken op  verantwoordelijker te handelen op  het vlak van de mensenrechten. De maatschappelijke organisaties eisen van Nederlandse banken dat  zij het Brits/Nederlandse Shell, het Indiase Vedanta en het Canadese  Barrick Gold scherper aanspreken op het schenden van de mensenrechten.

‘Het is teleurstellend dat de meeste banken Shell, Vedanta en Barrick Gold niet tot meer respect voor mensenrechten weten aan te zetten,’ zo zegt Eduard Nazarski op de website van de Eerlijke Bankwijzer. De banken zouden volgens de directeur van Amnesty Nederland de betreffende ondernemingen veel krachtiger moeten aanzetten tot een betere praktijkvoering. De bedrijven zijn structureel en langdurig betrokken bij mensenrechtenschendingen.

De Amnesty-directeur heeft natuurlijk gelijk dat banken goed moeten nadenken over hun investeringen in internationaal opererende ondernemingen. Waar bedrijven handelen in strijd met de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens of andere, internationaal geldende verdragen en richtlijnen, dan is een kritische houding gerechtvaardigd. Dat geldt te meer omdat de Nederlandse banken vrijwel allemaal een mensenrechtenbeleid hebben geformuleerd. Een ferme oproep aan financiële instellingen om hun eigen beleid na te leven is dan ook op zijn plaats.

Aan die oproep schort iets. Want  niet het uitoefenen van invloed op  de ondernemingen wordt gewaardeerd door de Eerlijke Bankwijzer,  maar het uitsluiten van die ondernemingen. Zo krijgen de Triodos Bank,  ASN Bank en de Friesland Bank de  hoogste score. Deze financiële instellingen weigeren vuile handen te maken via een gesprek met de ondernemingen – iets wat een  rol als aandeelhouder juist de mogelijk maakt.

Zij kijken liever toe hoe anderen  hun rol als kritische belegger wel invullen en daarmee soms een open  oor vinden bij die bedrijven. Dat de  resultaten van deze gesprekken niet  wereldschokkend zijn en soms wat  lang op zich laten wachten, is een terecht punt van zorg. Maar dat doet  weinig af aan de inspanning van  sommige banken om de moeizame  weg van de dialoog te bewandelen.

De Eerlijke Bankwijzer geeft evenwel de hoogste scores aan de banken  die het minste doen in hun rol als kritische aandeelhouder. Begrijpt u me  niet verkeerd: banken als ASN en Triodos verdienen lof voor hun investeringen in een duurzame economie.  Maar ze laten het afweten door in het  geval van  Shell, Vedanta en Barrick  Gold langs de zijlijn te blijven staan.  Door niet te investeren in deze bedrijven, kunnen deze banken geen  gebruik maken van het recht op informatie. Ook vervalt het recht om te  stemmen op hun aandelen.

Het meest funest is dat die ondernemingen nu heel makkelijk de kritiek van de ethische banken naast  zich neer kunnen leggen. De omvang van de financiële markten is zodanig dat de financiële relevantie van de ethische banken marginaal is. Op wereldschaal wellicht 1 à 2 procent. De  banken die wel beleggen in bedrijven die betrokken zijn bij schendingen van mensenrechten, grijpen  hun kans om invloed uit te oefenen –  hoe bescheiden die ook is.

Natuurlijk is het niet de bedoeling  alles bij het oude te laten en vrolijk te  investeren in ondernemingen als  Shell, Vedanta en Barrick Gold. Banken en andere institutionele investeerders, zoals pensioenfondsen,  zouden gezamenlijk invloed moeten  uitoefenen. Wie bedenkt dat de institutionele investeringsmarkt ongeveer de helft uitmaakt van de totale  investeringsmarkt, beseft  dat deze  markt een ‘force for good’,  een  kracht ten goede, kan zijn. Het verdient aanbeveling dat de Eerlijke  Bankwijzer de banken juist stimuleert en motiveert zich als kritische  aandeelhouder op te stellen en niet  met de rug naar de werkelijkheid te  gaan staan.

De Eerlijke Bankwijzer mag wel  van banken vragen verantwoording  af te leggen over het gesprek met de  ondernemingen. Een goede dialoog is niet hetzelfde als een gesprek in de achterkamer. Maar het gaat niet  aan ondernemingen financieel te  boycotten als je doel is verbetering te  brengen in de mensenrechtensituatie. Van een houding als die van Triodos, ASN Bank en de Friesland Bank  worden noch de banken, noch hun  klanten, noch de ondernemingen  wijzer. Beter werkt het organiseren  van gezamenlijke druk.

Zonder druk van kritische beleggers verandert er geen sikkepit aan  de schendingen van de mensenrechten in Nigeria, India of Papoea  Nieuw-Guinea. Het enige gevoel dat  wellicht bij klanten van ethische  banken achterblijft, is dat zij niet  hebben bijgedragen aan de schendingen. Maar ze hebben als investeerder ook niets gedaan om de ondernemingen daarop aan te spreken.  Een gemiste kans.

Dit bericht werd geplaatst in Maatschappelijk verantwoord ondernemen en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s